Thuis is waar het zwembad staat

Thuis is waar het zwembad staat
Toen werd het zomer!!!

zondag 8 februari 2009

Legioensoldaat

Beginnen met een bekentenis: ik neem pilletjes voor mijn grijze cellekes. Wie een van mijn vorige verhalen over het onthouden van namen en de truukjes met het alfabet las zal wel denken dat ze toch niet veel helpen. Oh nee? Vorige week ineens een tekst gedeclameerd waar ik in geen veertig jaar aan dacht. En omdat u ook eens mag lachen: die tekst moest ik in het derde leerjaar van zuster Polydora dagelijks opzeggen.
Pas op, geen makkelijk versje hé. Een aartsmoeilijke tekst waar ik als achtjarige zeker niet veel van kon snappen. Ik zei hem toen heel vaak op omdat we in de familie een tante hadden die niet naar de mis ging en die ik toch heel graag zag, en die ik dus in de hemel wou bidden.

Op het einde van de humaniora heb ik hem nog vaak opgezegd. Eerst proberen of ik hem nog kende, een beetje gepuzzeld, en jawel, een geschikte mantra terwijl ik in Brussel na schooltijd op de tram naar Laken stond te wachten. En dat kon weleens lang duren en mijn voeten werden koud en ik had niets beter te doen en ik dacht dat het misschien kon helpen. Of nee, dat dacht ik toen al lang niet meer, maar hoe gaat dat als er iets in je hoofd zit? ,,Nog een keer zeggen en dan zal hij wel komen.'' De tram, wel te verstaan. Hm ja, op de duur kwam hij wel.

Vorige week dus. Met de Meester enkele dagen aan de kust, héérlijk wandelweer met volop zon en berekoud. Maar toen wilden we toch maar de tram terug naar huis nemen. Dat duurde wel even. En toen pakte ik de Meester vast en zei :,,Heilige Jozef, liefdevolle voedstervader van het goddelijk kind en kuise bruidegom van de heilige maagd, bescherm het kinderlegioen dat u werd toegewijd en toevertrouwd als een erewacht onverpoosd biddend voor uw troon. Spreek gij voor ons ten beste bij de heilige harten van Jezus en Maria opdat we naar uw voorbeeld als leliën onder de doornen in kinderonschuld en reine jeugd ongerept mogen opbloeien in het aanschijn van de Heer. Spreek gij voor ons ten beste (bij de heilige harten van Jezus en Maria)opdat uit onze legioenrangen velen mogen aantreden door God geroepen en bevoorrecht om hem als voorbeeldige priesters in dit leven of als offerzielen in een heilig kloosterleven te dienen, spreek gij voor ons ten beste (bij de heilige harten enzovoorts) opdat uit onze christelijke gezinnen geloofsleven, godsbetrouwen en zedigheid weer heerlijk moge opbloeien, tot geestelijk heil van ons vaderland en tot zegen van heel de strijdende kristi-kerk. Amen''.
Ik ben niet tot het eind gekomen want de Meester vroeg of ik niet liever wat wou huppelen. Dat deed ik _ voor ik Malief werd _ als ik het wat koud had...
PS De tram heeft nog wat op zich laten wachten, maar deze geloofsacte van een jonge legioensoldaat van Sint Jozef heb ik in één ruk en zonder spieken gedebiteerd. Geen goei pillekes zegt u?

zaterdag 31 januari 2009

De wilde zoener

''Er is iets erg gebeurd op school, Malief. Het was bijna af met zijn lief, Vlooike.(1) Ja, vertel het zelf maar, joh.,,
Kadoke2 brengt het nieuws als een echte drama queen, haar tweede natuur. En haar broer zucht en besluit dan maar tot bekentenissen over te gaan.
Kadoke1 zoent ook graag andere meisjes. En dat vindt Vlooike niet leuk. ,,Maar ik zie die andere ook graag'' kreunt de jonge bink. ,,Mag dat dan niet?'' Help, meneer Peter Adriaenssens???
Zes jaar, bijna zeven, en met Vlooike is het al bijna een jaar ,,aan''. Getuige de foto's waarop zij hém hardhandig vastpakt, knuffelt en kust. Als dat fake is?
Ik zit er inwendig gniffelend bij, maar heb wel met hem te doen. Zijn uitleg is subliem. ,,Ik geef graag kusjes en Vlooike niet zo, en ik zie Tilly en zus en zo ook graag (ik ben al de namen alweer vergeten maar weet zeker dat er geen nuffen van het kaliber Kadoke2-vriendinnen bij zitten) en die vinden dat ook leuk. Maar Vlooike is wel mijn lief.''
Ik heb dan maar een kleine preek gehouden dat hij het misschien ook niet zo leuk zou vinden als Vlooike zijn vrienden ging zoenen. ,,Maar dat heeft ze al gedaan'' zucht hij, ''voor het mijn lief was.'' Ik snap het al, hij wil gewoon nog wat oefenen, voor later. Ik heb hem voorgesteld om nog wat met mij te kussen en dat heeft het schatje dan ook onmiddellijk gedaan...
En meisjes, blijf je best doen. Want een bink die graag knuffelt en kust, weet dat 1000 min 100 nog 900 is, moeiteloos de instructies op mijn hoestsiroop leest en er bovendien uitziet als een mini-Brad Pitt, zo worden ze maar heel zelden afgeleverd.
(1) Vlooike is natuurlijk niet haar echte naam, maar ik moet ook haar privacy beschermen...

vrijdag 30 januari 2009

Lijkenpikkerij

Omdat er onder de blog van Kalamity maar een klein kadertje staat om te reageren _ en omdat ik ook eens mijn hartje wil luchten_ hier mijn boulemische(1) bijdrage over de Dendermondse soap. Oneerbiedig gezegd vindt u? Ik hou mij nog in.
Om te beginnen dit: ik ben altijd redelijk fier geweest op mijn journalistieke status maar ik durf het hoe langer hoe minder hardop zeggen. De zogeheten legendarische druppel kwam gisteravond tijdens Koppen toen Wimmeke drie ,,getuigen'' voorstelde die het Drama vanop de eerste rij hadden meegemaakt. Ik had vooral medelijden met Wimmeke. Ik wil er mijn kop op verwedden dat het een opdracht was van een chefke dat nog wat kijkcijfers wou scoren.
Merci VDB voor die machtige one liner Trop Is Teveel.
Moet ik mij nog nader verklaren? Vorige maandag keken de Kadokes naar Ketnet. Bewuste keuze van mij omdat Kadoke2 van de dansles tot thuis aan een stuk over die kindjes en die meneer in de crèche enzovoorts en zo verder vertelde, het gespreksonderwerp in de Kring op school. En nu wat lachen en onnozel doen dacht ik. Helaas, toen kwam Karrewiet. En weer van dat. ,,Kom mannekes, dat hebben we nu al genoeg gezien'' en we zijn een extra verdieping aan hun kraan gaan bouwen.
Is dit een nieuw fenomeen, om het Menselijk Leed als verkoopsargument, kijkcijferkanon of voyeuristisch attribuut te gebruiken? Ik denk het niet, maar heel vroeger durfden we nog eens tegengas geven. Ik hoor LDL nog fier zeggen dat hij destijds naar de overreden kindjes in Asse was gegaan voor het verslag (bestelwegen in groepje schoolkinderen op de stoep) omdat de vrouwelijke journalist er niet tegen kon. Het was ,,voor mijn tijd'' maar hij vond het leuk om ons er af en toe aan te herinneren.
De beste punten scoorde reporter Jantje. Zei het toenmalige chefke:,,Als de mensen hem langs voor niet binnenlaten kruipt hij langs achter naar binnen.Da's nen echte...'' Enkele jaren later is Jantje zelf op een onverwachte manier in de krant gekomen, met vrouw en kind verbrand in zijn bed. 't Is makkelijk dertig jaar geleden, maar ik kan mij niet herinneren dat er foto's van zijn overgebleven treurend zoontje zijn verschenen. Tja, hij was er zelf niet meer om het extra in de verf te zetten.
En aan al die andere sukkelaars van het journalistieke heir die vandaag eieren voor hun geld kiezen _ 't zijn moeilijke tijden nietwaar_ en journalistiek plegen die vroeger alleen in de vettigste roddelblaadjes verscheen: mijn oprechte deelneming.
(1) vind geen beter woord om te illustreren dat ik het er in een gulp uitgooi.

zaterdag 24 januari 2009

Allez, hoe heet die nu weer?

Daar ligt een sjaaltje op het stoeltje van één van de Kadokes en Meester vraagt:,,Wat ligt daar, ik kan het niet goed zien?'' ,,Ach schat, mijn sjaaltje, nog gekregen van dinges, je weet wel, de vrouw van die schrijver die ze in de humaniora moesten lezen? Allez, ze lazen hem niet graag maar wij wel, enfin,vroeger toch. En die vrouw maakte die sjaaltjes zelf, handbeschilderd?''
-,,Vandeloo, Vandenbroeck, Lampo, Claus?''
- Maar nee, en zijn eerste vrouw heeft zich nog gezelfmoord want die was wat aan het malen gegaan na die affaire van geweetwel met geweetwel?
-Hu, nee?
Ondertussen ben ik wel op de namen gekomen _ het duurt nooit langer dan een paar minuten_ maar aan Blokken of de Slimste Mens zal ik nooit moeten meedoen. Maar ik kijk wel met een gevoel van herkenning naar een Freddy Thielemans, een Hendrik Camu en andere slimme mensen die dank zij die krakende hersens ,,er niet opkomen''.
Met mijn beste vriendin Iedereen (de naam die mijn kinderen haar destijds gaven toen ze nog van kleuterleeftijd waren) spelen we een spelletje. Zo van allez, 't begint met een W en 't is kort en de achternaam is iets heel Vlaams maar ik denk niet dat het woord echt bestaat. Jééh. Maar dus niet dat van de mevrouw van de schrijver die nu passé is. Of misschien toch. Straks eens proberen als we deze namiddag nog wat boeken gaan kopen. Misschien zit de man van de mevrouw die sjaaltjes schildert er wel tussen. Maar ik denk niet dat we hem gaan kopen...

maandag 12 januari 2009

De wraak van Tagliatella (1)

In mijn actieve leven werd ik letterlijk bedolven onder de zogeheten relatiegeschenken. Dat ging van ,,steultjes'' zoals mijn schoonma zaliger de karrevrachten beautyproducten noemde, tot toch wel bijzonder geslaagde reisjes. Stof voor leuke verhalen en het was in een tijd dat de journalistieke markt nog niet verpest werd door ,,boekskes'' die publi-reportages verkwanselden. De ongevraagde ,,steultjes'' hebben mij nooit belet om mijn gedacht te schrijven en de Meester zei weleens dat ik hem gekregen had bij een bol sajet.(2)

Die onverschillige attitude tegenover ,,cadeaus''(3) is mij vorige week zuur opgebroken. In een kast op de kamer van de Kadokes liggen nog een paar ,,onbederfbare'' relatiegeschenken, van een sleutelhanger tot een sakosjke. En een in leer gebonden minuskuul notaboekje voor telefoonnummers. Het lag er al minstens tien jaar. Destijds had ik nog lijvige notaboekjes nodig, dit was pruts voor madammekes. En die pruts heb ik vorige week ingelijfd. Met veel minder nummers _ waarvoor dient een mobieltje anders?- en wat adresjes want het geheugen is ook niet meer wat het was...
Het grote demasqué gebeurde in de Carrefour van Koksijde. Al bij het binnenstappen een lawaai dat je eerder in de buurt van Gaza zou verwachten. Naast ons twee Japanners die meteen hun ondergoed begonnen te inspecteren op verborgen tags. Wij dus gewoon gaan winkelen. Helaas, aan de kassa weer alarm, en niet zo'n beetje. Twee security-mannen en een rist meneren en madammen die de potentiële dievegge eens goed wilden bekijken. Meester heeft kalmpjes mijn hele handtas omgekieperd _ je wil niet weten wat daar allemaal voor rotzooi in stak _ en de kassierster vroeg met een scheef oog op de rommel of er iets nieuw tussen zat?! Bwa nee, och misschien dit boekske? Ja dus. Al volgeschreven en wel en met een chique label dat zeker niet in de Carrefour werd verkocht. De heisa die dat prutske veroorzaakte. Maar een streepjescode of tag of hoe je zoiets noemt werd niet gevonden. De nieuwsgierigen dropen weer af toen bleek dat ik niet in de boeien werd geslagen.
Misschien wel de wraak van die Italiaanse ontwerpster die ik eens minder vleiend in de krant heb gezet? Achter haar kerstcadeau had ik echt niets gezocht.
Het pesterige electronisch gegil uitlokkend kartonnetje heb ik ondertussen toch gevonden, weggestopt tussen leder en voering.
Juist: ,,La vengeance est un plat qui se mange froid...''

(1) Haar echte voornaam is Donatella maar beslist niet Versace. Als die mevrouw zou moeten reageren op alle steken onder water moet ze een stadion vol wraakgodinnen inhuren.
(2) Sajet: breiwol. Om te illustreren hoe belangrijk de Meester al die rotzooi vond.
(3) Cadeaus, niet te verwarren met Kadokes 1 en2.

donderdag 1 januari 2009

Hier in Rio

Een goeie fles champie, een soepke, twee kreeften-met-frietjes en een stukje nieuwjaarscake, meer was er niet nodig om onze jongste oudejaarsnacht te laten eindigen om 23u51. Op Canvas zag ik vaag nog ,,the architect'' met de gasten van dEUS (Lottepoes had het hoogstaande gezever van Cokes en Vantilt ondertiteld) maar dat kon de Meester dan weer niet boeien. Toen ook dingske Wauters op één mij alleen maar inspireerde tot de vraag of de winkel van zijn madam nu zou marcheren, besloten we er een punt achter te zetten. ,,Laten we doen alsof we in Rio de Janeiro wonen'' _ daar was het al lang 2009_ en zo zijn we met op de achtergrond de af en toe afgrijselijk nabije knallen van autochtone feestvierders het jaar uitgestapt. Of toch: ik heb nog gedacht:,,Stel je voor dat je in Gaza woont, of in Israël, en dan die herrie...''

dinsdag 25 november 2008

Verhaal met zeventig decibel

,,Oei, is het zo triestig wat ik vertel?'' Schalkse opmerking van Pierreke, bijna negentig, die heel sappig vertelt over de oorlog, de krijgsgevangenschap, het plassen tegen de wagonmuren, het vervoer bovenop een hoop steenkool et j' en passe. We zitten in het salon van de bejaardenhome waar ons bomama zojuist een wedstrijd ,,vieropeenrij'' heeft gespeeld en helaas niet gewonnen. Maar er is ambiance en er wordt getaterd over vroeger. En ik veeg tranen weg van het lachen. Nooit gedacht dat ik dat hier nog eens zou doen..
Die Pierre toch. Als hij ook aanstalten maakt om te bewijzen dat hij de enige man is in het kippenhok zeggen gebaren meer dan woorden. Zeker met de zes aan tafel waarvan er pakweg vijf tussen zeer hardhorend en potdoof zijn, maar als er één lacht lachen ze mee. En hoe zit dat nu met die tranen?
Ik probeer Pierreke uit te leggen dat ik alleen maar ween als ik lach, dat Lottepoes dat vroeger zei toen ik eens echt weende. Hemeltjelief, dat moet ik uitleggen want Pierreke is maar een beetje doof en wil er alles van weten.
De volgende vijf minuten vertel (brul) ik het verhaal van die Italiaanse schoenwinkel in mijn straat waar ik schoenen had besteld die bij het afhalen ineens pakweg 2000frank (ja een OUD verhaal) duurder waren geworden, en die ik weigerde. En hoe de madam van de winkel venijnig tegen een andere klant zei:,,Ja, veel sjaar (plaatselijk dialect voor streken) mo gin senten...''
Toen kwam de Meester thuis en die was aangesproken door de Italiaan (ik was er in al mijn ergernis ook nog mijn regenjas vergeten) en dat er een probleemke was met madam (ik dus) haar schoenen, maar dat ik die schoenen wel mocht gaan halen hoor. En toen ontplofte ik en schoot in een flinke bleit. Waarop Lottepoes zei: Maar allez mama, jij weent toch alleen van het lachen...'' Helaas, dat verhaal heb ik dus minstens drie keer moeten vertellen (want ze vonden het goed) en de laatste keer was op verzoek van een tafel achter ons, waar de dochter van een bewoonster er toch ook het fijne wou van weten. Tot slot heb ik ook nog eens gevraagd of er toch geen familie van de Italiaan in de zaal zat?
Wil je geloven dat ik mij als Geert Hoste in een zaal voor doven en slechthorenden voelde? Maar de aanwezige familieleden , die hadden alles verstaan. Hen moest ik zelfs vertellen waar die Italiaanse schoenwinkel precies ligt. (héhé, al lang dicht, wat dacht je...)
Dat verhaal van de Italiaan had ik eigenlijk opgespaard voor Simply Red, een aangetrouwd familielid die een blad voor winkeliers volschrijft met tips om klanten gelukkig te maken. Maar als ze het nu van iemand anders hoort: ik was eerst.
PS: de pointe van het verhaal was eigenlijk dat ik die dag ook nog jarig was en dat iedereen het was vergeten. Maar daar ben ik niet meer aan begonnen...